Warmtepompen in monumentale kerk

 

Een kerk is meer dan stenen en gewelven. Het is een plek waar mensen samenkomen, elkaar ondersteunen en iets doorgeven aan volgende generaties. Dat geldt ook voor het kerkgebouw van Protestantse Gemeente Enkhuizen (PGE). Wanneer een van de verwarmingsketels aan vervanging toe blijkt, voelen het College van Kerkrentmeesters en de Werkgroep Gebouwbeheer sterk de verantwoordelijkheid voor het duurzaam doorgeven van het gebouw. Ondanks de tijdsdruk nemen vrijwilligers Jaap Struik (coördinator verduurzaming) en Jan de Vries (kerkrentmeester) de tijd om dit project in goede banen te leiden. Wat begint als een technisch probleem, groeit uit tot een betekenisvol verduurzamingsproject voor een bijzonder kerkgebouw. De Zuiderkerk dateert uit de vijftiende eeuw. De prachtige gewelfschilderingen zijn uniek in Europa. Jaap Struik: ‘Verhalen uit het Oude en Nieuwe Testament staan er tegenover elkaar afgebeeld. De gewelfschilderingen worden wel ‘De Nachtwacht van Enkhuizen’ genoemd.’

 

Duurzaam doorgeven

Bij zo’n bijzonder gebouw als de Zuiderkerk is verduurzaming best complex. Elk ingrijpen vraagt om zorgvuldigheid. Toch laat de kerkgemeenschap zich niet ontmoedigen. Jaap Struik: ‘Wij willen de Zuiderkerk op een duurzame manier doorgeven aan volgende generaties. We hebben daarom eerder al 86 zonnepanelen geplaatst. Hoewel de kerk een monument is, kregen we toch een vergunning, omdat de zonnepanelen verscholen liggen tussen de twee kappen van het dak.’

Wanneer de verwarmingsketel het dreigt te begeven, wil de kerk duurzame opties onderzoeken. ‘We vroegen een energieadviesbureau en een installateur om advies. Beide partijen raadden twee warmtepompen aan. Eén voor de vloerverwarming in het kerkschip en één om convectorkachels langs de koude oostgevel te verwarmen.’ De gasketels die nog wél werken, blijven voorlopig als bijverwarming. Toch is de omslag nu al effectief. Jan de Vries vertelt trots: ‘In november en december samen hebben we al 2.000 kubieke meter minder gas verbruikt, op een jaarbasis van zo’n 16.000 kuub.’

   

Vrijwilligers die het verschil maken

Wat dit project bijzonder maakt, is niet alleen de techniek, maar vooral de mensen erachter. De Werkgroep Gebouwbeheer en het College van Kerkrentmeesters bestaan uit meerdere vrijwilligers zoals Jaap Struik en Jan de Vries. Voor dit project laten ze zich goed voorlichten. Jan volgt bijvoorbeeld een webinar van de VKB (Vereniging voor Kerkrentmeesterlijk Beheer) over verduurzamingssubsidies. ‘Daarin vertelde Subsidiegezocht over DUMAVA-subsidie. Omdat we bang waren om fouten te maken in de subsidieaanvraag hebben we Subsidiegezocht de aanvraag laten doen. Subsidiegezocht vertelde precies wat we moesten aanleveren. Ieder z’n vak. Na het indienen, hoorden we al snel dat we de subsidie tegemoet konden zien.’

 

Even geduld

Jaap: ‘We vroegen vervolgens een vergunning voor de buitenunits aan, maar die werd tot driemaal toe afgewezen. Ook moesten we even wachten op de installateur, want die had een volle agenda.’ Nu alles is gerealiseerd, kijken de betrokkenen met voldoening terug. ‘Als vrijwilligers is het best bijzonder dat je zo’n groot project kunt oppakken. We hebben het toch over tienduizenden euro’s. Dat is geld van onze leden en dat wil je zorgvuldig besteden.’

Hoewel de eerste eindafrekening nog moet komen, is één resultaat al merkbaar: bezoekers hoeven niet langer met hun jas aan in de kerk te zitten. De vrijwilligers denken intussen al na over verduurzamen van de inbouw uit 2013, het hart van de kerk, dat nog met gas wordt verwarmd. Jaap stelt: ‘Ook een eeuwenoud monument kan stap voor stap de toekomst tegemoet gaan. Wil je als organisatie iets vergelijkbaars doen: neem de tijd, zoek de juiste partners en durf het aan.’